Category: 4vwo

Oefen hier de Engelse onregelmatige werkwoorden voor 4/5 havo en vwo.

1. Vertaal de onregelmatige werkwoorden

Vertaal het Nederlandse werkwoord naar het Engels, bijvoorbeeld: zijn → be.

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

2. Vul de tweede vorm van de werkwoorden in

Vul de Engelse verleden tijd in, bijvoorbeeld: go → went (Nederlands: gaan → ging).

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

3. Vul de derde vorm van de werkwoorden in

Vul het Engelse voltooid deelwoord in, bijvoorbeeld: go → gone (Nederlands: gaan → gegaan).

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

4. Vul alle drie de vormen in

Vul het hele Engelse rijtje in met een spatie ertussen, bijvoorbeeld: gaan → go went gone (Nederlands: gaan – ging – gegaan).

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

[vocablaster words=”overvloedig:abundant, prestatie:accomplishment, voordeel:advantage, ervan uitgaan:assume, voorbij:beyond, bijproducten:by-products, zorg:concern, overtuigen:convince, oogst:crop, bederven:decay, verspreiden:distribute, nadeel:downside, enthousiast:eager, ontwijkend:elusive, prestatie:feat, genereren:generate, beperken:limit, bezwaar:objection, vervuiling:pollution, winst:profits, voorstel:proposal, indelen:rank, haasten:rush, indienen:submit, voorstellen:suggest, aanpakken:tackle, uitvoerbaar:viable, verkrijgen:acquire, aankondigen:announce, biodiversiteit:biodiversity, afnemen:decrease, dicht:densely, afwisselen:diversify, vee:livestock, voedings-:nutritional, te grote afhankelijkheid:over reliance, kieskeurig:picky, prooi:prey, vervangen:replace, vertegenwoordiger:representative, opschuiven:shift, uitsluitend:solely, neiging:tendency, onhoudbaar:unsustainable, schitterend:brilliant, behoud:conservation, ontwikkelen:develop, dankzij:down to, nadruk:emphasis, toenemen:increase, initiatief:initiatief, levendig:lively, onderzoeken:look into, vooruitgang boeken:make inroads, verkrijgen:obtain, ontstaan:occur, waarnemen:perceive, verschaffen:provide, leverancier:provider, aarzelde over:reluctant, woonwijk:area, steunen:support, op zich nemen:take on, belangbehartiger:trustee, levendig:vibrant, de moeite waard:worthwhile, plaatsen:apply, beweren:assert, aanname:assumption, proberen:attempt, goederen:commodities, uitvoeren:conduct, bijdragen:contribute, ontbossing:deforestation, ontzeggen:deny, in twijfel trekken:dispute, distributeur:distributor, indruk:impact, impliciet:implicit, meerderheid:majority, misvatting:misconception, overhalen:persuade, verlagen:reduce, duurzame:renewable, bron:resource, uitspraak:statement, onderbouwd:substantiated, duurzaam:sustainable, integendeel:to the contrary, aansporen:urge”]

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

VWO4 - chapter 6

Name:

Exercise 1: English to Dutch

1. That level of spending is unsustainable on your current salary.
2. Older children should do work around the house to support their family.
3. Global warming is causing the average temperature of the Earth to increase .
4. The intention of the meeting was to make inroads towards a solution make inroads .
5. The third step in the process was to apply a thin layer of glue.
6. The number of tigers in the wild will decrease if we don’t take action.
7. A fight was bound to occur as the argument grew more heated.
8. The ball was hit so hard it travelled beyond the next field.
9. Joey is ill; we need someone to replace him during the match replace .
10. I like to leave early for my flight so I don’t have to rush at the airport.

Exercise 2: Dutch to English

1. The fruit will bederven if you don’t eat it on time.
2. Winning the match came dankzij Mickey’s efforts.
3. Daniel made the aanname straight away that Clara was a nice person.
4. The internet has replaced the library as a favourite information bron .
5. As more plants and animals go extinct, the planet’s biodiversiteit decreases.
6. I interpret my boss’s remarks as impliciet criticism on my work performance.
7. The police needed to uitvoeren an investigation into the robbery.
8. I want to overhalen my mother to get another puppy.
9. Many animals lose their homes and food sources through ontbossing .
10. Her boss asked her to onderzoeken why the competition was doing so well.

Exercise 3: Irregular Verbs

Fill in all 3 forms. 1 point per correct row.

1. Leren
2. Houden/blijven
3. Vechten
4. Voeden
5. Eten

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

vwo 4 - Hoofdstuk 3/4

Name:

Exercise 1: English to Dutch

1. I was reading quietly when all of a sudden the cat sprang at me.
2. London’s Winter Wonderland is expected to attract thousands this year.
3. Things were looking a little bleak for Lisa when she lost her job.
4. The guest speaker presented an engaging ) speech during the conference.
5. Ewan wants to vote this year, so he has to enrol online.
6. The degradation of the castle has been noted by English Heritage.
7. The process of applying for a scholarship is very complicated.
8. It’s tempting to speculate about what might have happened here.
9. I want you to cast your mind back to the day of the burglary.
10. I’d love to take part in the sky-dive, but what are the safety requirements ?

Exercise 2: Dutch to English

1. Do you think it’s de moeite waard to go through all this trouble for one person?
2. Gregg questioned the bruikbaarheid of the app, since he never used it.
3. The Headmaster has decided to verbieden the use of mobile phones in the cafeteria.
4. Many schools require you to fill out the necessary forms to vereisen, verplichten for a spot.
5. This deel refers to the way you install the software onto your computer.
6. I happen to uitblinken in maths, physics and chemistry.
7. We decided the tak of this tree was a good spot to put our swing.
8. The novel is to be wordt ervaren as a positive example of globalization.
9. Can I make a suggestie on how you can improve your paper?
10. Joe was able to namaken the artwork perfectly and sell it as an original.

Exercise 3: Irregular Verbs

Fill in all 3 forms. 1 point per correct row.

1. Bevriezen
2. Slaan/Raken/Staken
3. Houden
4. Staan
5. Vliegen

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

1. Wat is de passieve vorm?

In de passieve vorm ligt de nadruk op het onderwerp (het “ding” waar iets mee gebeurt) in plaats van op de handelende persoon (de uitvoerder van de actie). De passieve vorm gebruik je in het Engels wanneer:

  • je niet weet wie de actie uitvoert (“My bike was stolen” – je weet niet door wie);
  • de uitvoerder niet belangrijk is (“The road is cleaned every morning” – wie dat doet, is niet zo relevant);
  • je de handeling zelf wilt benadrukken in plaats van de uitvoerder (“The building was constructed in 1920”).

In het Nederlands zeggen we bijvoorbeeld “De taart wordt gemaakt” in plaats van “De bakker maakt de taart”. De bakker is dus niet het onderwerp waar we nadruk op willen leggen, maar de taart wel.


2. Hoe wordt de passieve vorm gemaakt?

De passieve vorm in het Engels wordt altijd gemaakt met:

(een vorm van “to be”) + (voltooid deelwoord van het hoofdwerkwoord)

  • Het voltooid deelwoord is vaak het werkwoord + “-ed” (bij regelmatige werkwoorden),
    of de 3e vorm (past participle) bij onregelmatige werkwoorden.

Voorbeeld in verschillende tijden:

  1. Present Simple
    • Active (actief): The chef makes the cake.
    • Passive (passief): The cake is made by the chef.
  2. Present Continuous
    • Active: The chef is making the cake.
    • Passive: The cake is being made by the chef.
  3. Present Perfect
    • Active: The chef has made the cake.
    • Passive: The cake has been made by the chef.
  4. Past Simple
    • Active: The chef made the cake.
    • Passive: The cake was made by the chef.
  5. Past Continuous
    • Active: The chef was making the cake.
    • Passive: The cake was being made by the chef.
  6. Past Perfect
    • Active: The chef had made the cake.
    • Passive: The cake had been made by the chef.


3. Van actieve zin naar passieve zin

Een actieve zin heeft meestal de volgorde:
(onderwerp) + (werkwoord) + (lijdend voorwerp)

Bijvoorbeeld:
I drive the car

  • “I” is het onderwerp (degene die iets doet),
  • “drive” is het werkwoord,
  • “the car” is het lijdend voorwerp (degene/het ding dat iets ondergaat).

Wil je deze zin passief maken, dan verplaats je het lijdend voorwerp naar voren:

  1. “The car” wordt het onderwerp van de passieve zin.
  2. Vervolgens gebruik je de juiste vorm van “to be”. In de tegenwoordige tijd is dat “is” of “are”, afhankelijk van het onderwerp (enkelvoud of meervoud). Hier is “the car” enkelvoud, dus gebruik je “is”.
  3. Dan komt het voltooid deelwoord van “drive”, dat is “driven”.
  4. Eventueel kun je “by me” toevoegen om aan te geven wie de actie uitvoert.

Actief: I drive the car.
Passief: The car is driven (by me).


4. Hoe herken je de passieve vorm?

Er zijn grofweg drie manieren om te zien dat een zin passief is:

  1. De uitvoerder is niet genoemd
    Als er niet in de zin staat wie of wat de actie uitvoert, heb je meestal een passieve zin.
    • “De tas wordt gedragen.”
    • Het is niet duidelijk wie de tas draagt.
  2. Er staat “by …” in de zin
    Als in de zin een constructie voorkomt zoals “by the chef”, “by me”, “by someone” enzovoort, duidt dat vaak op een passieve vorm.
    • “The cake was made by the chef.”
    • Door wie? Door de chef.
  3. Vorm van “to be” + voltooid deelwoord
    Als je een vorm van “to be” (is, was, were, has been, enz.) ziet, gevolgd door het voltooid deelwoord (bijvoorbeeld “made”, “done”, “seen”, “driven”, …), is de zin vaak passief.
    • “The house is being cleaned.” (continuous passief)

5. Onregelmatige werkwoorden

Leer de 3e vorm (past participle) van onregelmatige werkwoorden goed omdat je de 3e vorm in elke passieve zin nodig hebt. Bijvoorbeeld:

  • “to drive” → “drove” → “driven”
  • “to eat” → “ate” → “eaten”
  • “to write” → “wrote” → “written”

Exercise 1: De passive herkennen

Exercise 2: Passive maken met present simple (regelmatig)

Exercise 3: Passive maken met present simple (mix)

Exercise 4: Passive maken met de past simple (regelmatig)

Exercise 5: Passive maken met de past simple (mix)

Exercise 6: Passive maken met de present perfect (niveau 1)

Exercise 7: Passive maken met de present perfect (niveau 2)

Exercise 8: Passive maken met de present continuous

Exercise 9: Passive maken met de past perfect

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

Elke keer dat je deze pagina laadt, krijg je een nieuwe oefentoets met nieuwe woorden om te vertalen.

vwo 4 - Hoofdstuk 3/4

Name:

Exercise 1: English to Dutch

1. Ireland is able to boast beautiful countryside and amazing views.
2. Mark and Jack couldn’t agree so they had to meet somewhere in the middle.
3. My primary reason for calling this meeting is to plan the team outing.
4. If you are doing pottery for the first time, you’ll see how tricky it is to shape the pot.
5. Many schools require you to fill out the necessary forms to apply for a spot.
6. Kevin’s employment contract was terminated with immediate effect.
7. A big advantage of buying an alarm clock is that I won’t oversleep anymore!
8. Aran is a huge film fan; he is fanatical about films of all genres.
9. It’s great when students engage with novels written in foreign languages.
10. The famous actor pulled his hoodie over his head to avoid recognition .

Exercise 2: Dutch to English

1. The hacker sent a gecodeerd(e ) virus that caused major leaks of information.
2. I seem to zich herinneren how much you enjoyed shopping with your sister.
3. Hannah is already making her second stapel of cookies to sell at the fair.
4. The meal was poorly presented and did not look aantrekkelijk in any way.
5. The panda bear is so duidelijk in love with its newborn babies.
6. My employer looks forward to throwing a company summer bbq jaarlijks .
7. The company is launching a campaign to doen herleven, opleven an old product from the 80s.
8. Did I noemen my new smartwatch is waterproof and eco-friendly?
9. It is a real mogelijkheid that I get accepted into Harvard.
10. Building a new subway station can cause a lot of onrust, ophef .

Exercise 3: Irregular Verbs

Fill in all 3 forms. 1 point per correct row.

1. Branden
2. Blazen
3. Scheuren/Trekken
4. Zingen
5. Betalen

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

A phrasal verb is a verb + a small word (like up, on, off, in, out, by, or back).
Together they often have a special meaning that you can’t always guess from the words alone.

For example:

get up = to leave your bed in the morning
turn on = to start a machine or light

Phrasal verbs chapter 4:

Phrasal verbMeaning in EnglishVertaling in het Nederlands
to appeal toto interest somebodyaanspreken
to bank onto rely on somebody or somethingrekenen op
to boil down toto have something as a main or basic partneerkomen op
to cut down onto reduce the size, amount, or number of somethingverminderen
to do withoutto manage without somebody or somethingzonder iets kunnen
to get byto manage to do something without extra helprondkomen / redden
to get rid ofto make yourself free of something that is annoying youergens vanaf komen
to keep up withto continue to do something regularlybijhouden
to shop aroundto compare the quality or prices of something in different shopsrondkijken / vergelijken
to turn downto reject or refuse an offer or proposalafslaan / weigeren
to wear outto make something no longer usable due to using it too muchverslijten

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

Woordtrainer les F

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

Exercise 1

Woordtrainer les G

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

Exercise 2

Vocablaster les F

[vocablaster words=”bereiken:achieve, plotseling:all of a sudden, verbeteren:amend, ambachtelijk:artisan, verbieden:ban, verdragen:bear, overbelast zijn:overloaded, terugdenken aan:cast your mind back, gecodeerd:coded, concurreren:competing, beginnen:come in, bankpas:debit card, mate:degree, verwachten:expect, enorm geïnteresseerd:fanatical, stel je voor:fancy that, cijfers:figures, bruikbaarheid:functionality, mogelijkheid:possibility, voorkeur:preference, herkenning:recognition, verwijzen naar:refer, afhankelijk zijn van:reliant, monotoon/repetitief:repetitive, deel:segment, overeenkomst:similarity, substantieel/groot:substantial, aanpassen aan:tailor, in dergelijke mate:extent, onrust/ophef:upheaval”]

Vocablaster les G

[vocablaster words=”bedreven in:adept, fascinerend:compelling, geloofwaardig:credibly, hint/startsein:cue, innemend:engaging, uitblinken in:excel, uitvoerend:executive, artikel:feature, zwaar werk:graft, verbeteren:hone, overdrijven:overdo, beoefenaar:practitioner, zich herinneren:recall, regelmaat:regularity, vereisen/apply:apply, streng:rigorous”]

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

Woordtrainer les A

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

Exercise 1

Woordtrainer les B

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

Exercise 2

Vocablaster les A

[vocablaster words=”in gebruik nemen:adopt, voordeel:advantage, esthetiek:aesthetics, aantrekkelijk:appealing, stapel:batch, gemeen hebben:common, beslissing:decision, oproepen:evoke, vertrouwdheid:familiarity, verbeteren:improve, onjuist:incorrectly, aangeven:indicate, doen herleven:revive, noemen:mention, grote hoeveelheid:multitude, overtuigingskracht:persuasion, doordringende:pervasive, voornaamste:primary, winstgevendheid:profitability, beroemd:renowned, vertegenwoordigen:represent, het eens zijn:agree, mening:statement, werkwijze:technique, grootst mogelijke:utmost”]

Vocablaster les B

[vocablaster words=”jaarlijks:annually, klanten:customers, als gevolg van:due to, tegenkomen:encounter, versterken:enhance, ondernemer:entrepreneur, massaal samenkomen:flock, middelpunt:hub, winstgevend(lucratief):lucrative, kans:opportunity, aanwezigheid:presence, zelden:rarely, vereisten:requirements, proeven:sample, verschillende:models, voorraad:stock, suggestie:suggestion, samenwerken met:team up”]