Category: 4havo

Oefen hier de Engelse onregelmatige werkwoorden voor 4/5 havo en vwo.

1. Vertaal de onregelmatige werkwoorden

Vertaal het Nederlandse werkwoord naar het Engels, bijvoorbeeld: zijn → be.

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

2. Vul de tweede vorm van de werkwoorden in

Vul de Engelse verleden tijd in, bijvoorbeeld: go → went (Nederlands: gaan → ging).

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

3. Vul de derde vorm van de werkwoorden in

Vul het Engelse voltooid deelwoord in, bijvoorbeeld: go → gone (Nederlands: gaan → gegaan).

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

4. Vul alle drie de vormen in

Vul het hele Engelse rijtje in met een spatie ertussen, bijvoorbeeld: gaan → go went gone (Nederlands: gaan – ging – gegaan).

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

HAVO4 - chapter 4 en 6

Name:

Exercise 1: English to Dutch

1. Flatback turtles lay fifty eggs per nest on average each year.
2. Denise claims that reading outside helps her absorb information.
3. The Grand Canyon is an area of outstanding natural beauty.
4. They’ve tried to adopt a new approach to environmental problems.
5. The conservation of this whole area is under threat by developers.
6. That delicious scent is coming from that bakery.
7. He was removed from school for persistent bad behaviour.
8. I felt very insecure among all those experienced people.
9. I don’t recommend carrying a lot of cash in a busy city centre.
10. Finishing the project was a team effort — we all had our part in it.

Exercise 2: Dutch to English

1. I never buy things just because of their merknaam .
2. It’s my job to najagen potential customers for their details.
3. Dillon worried that carrying a shoulder bag was a bit too vrouwelijk .
4. I have no idea how to water ski but I’d like to een kans geven .
5. The six sons of the king are the rightful heirs to his enorm estate.
6. Most online shops only omzetten ten per cent of visits into sales.
7. That shop now sells official Star Wars koopwaar .
8. You can easily spot the party because we’ll vastbinden balloons to the fence.
9. The popular beleving is that global warming won’t affect them.
10. Carrying all that luggage puts enormous spanning on your back.

Exercise 3: Irregular Verbs

Fill in all 3 forms. 1 point per correct row.

1. Snijden
2. Hangen
3. Hebben
4. Zetten/Leggen
5. Ruiken
6. Kiezen
7. Binden
8. Doorbrengen/Uitgeven (geld)
9. Maken
10. Geven
⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

HAVO4 - chapter 6

Name:

Exercise 1: English to Dutch

1. The cook will utilise the leftover vegetables to make soup.
2. We need to find more sustainable energy sources such as wind.
3. This land used to be protected, but now there’s a huge housing estate being built.
4. When we look at these computer models, we can envision a better future.
5. Many plants are edible but it is important to research them first!
6. They use the data to calculate small changes in climate.
7. Scholastic tests are generally used to measure student achievement.
8. I have no idea how to water ski but I’d like to give it a go .
9. Most online shops only convert ten per cent of visits into sales.
10. I thoroughly enjoy watching soccer on Sundays.

Exercise 2: Dutch to English

1. I think tonight’s storm will vernietigen our garden.
2. Redwood trees fascineren people because of their size and age.
3. Trees in this forest area are fully volwassen at around ten to fifteen years old.
4. All this heavy traffic is beginning to zijn tol eisen the road.
5. Manny uses his knowledge to gain an voordeel over his competitors.
6. My sister will afstuderen from law school next year.
7. Next time, please moeite doen to be friendlier to the guests.
8. I’m lucky that I was able to voordeel from a good education.
9. Denise claims that reading outside helps her absorberen information.
10. You can easily spot the party because we’ll vastbinden balloons to the fence.

Exercise 3: Irregular Verbs

Fill in all 3 forms. 1 point per correct row.

1. Krijgen
2. Pijn doen
3. Blazen
4. Drinken
5. Rennen
6. Vinden
7. Zetten/Leggen
8. Spellen
9. Doorbrengen/Uitgeven (geld)
10. Gooien

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

Les A

[vocablaster words=”abundance:overvloed, act of kindness:goede daad, among:tussen, attach:verbinden, carry on:doorgaan met, continuous:doorlopend|onafgebroken, course:richting, cut down on:verminderen, effort:inspanning, environmentally friendly:milieuvriendelijk, gather:verzamelen, goodwill:welwillendheid, overwhelmingly:overweldigend, persistent:aanhoudend|blijvend, reduce:verminderen, spoil:bederven, strain:spanning|belasting, suitable:geschikt, supplier:leverancier, support:ondersteunen, sustainable:duurzaam, vendors:verkopers, waste:verspillen”]

Les B

[vocablaster words=”approachable:benaderbaar, authentic:echt|geloofwaardig, beyond:voorbij|verder dan, brand:merk|merknaam, chase:najagen, content:inhoud, contrast:afsteken, definite:zeker, engage:erbij betrekken, in fact:in feite, merchandise:koopwaar|goederen, note:vermelden, raise:een vraag opwerpen, recommend:aanbevelen, relate:betrekking hebben op, release:uitbrengen, similar:gelijk aan|lijkend op, target audience:doelgroep, tutorial:cursus”]

Les F

[vocablaster words=”approach:benadering, attract:aantrekken, boost:verhogen, challenging:uitdagend, charge:in rekening brengen, core:kern, excel:uitblinken, focus:richten op, intrigue:nieuwsgierig maken, manage:erin slagen, pressure:druk, publicity:publiciteit|reclame, purchase:aankoop, reach out:contact opnemen, research:onderzoek, retailer:verkoper, suffer:lijden, utilise:gebruiken|benutten, estate:landgoed”]

Les G

[vocablaster words=”advantage:voordeel, affect:invloed hebben op, appealing:aantrekkelijk, assign:toewijzen, benefit of the doubt:voordeel van de twijfel, clientele:klantenkring, deliberate:doelbewust|opzettelijk, determine:bepalen, dismiss:verwerpen|wegwuiven, enable:mogelijk maken, favourable:gunstig, feminine:vrouwelijk, gaze:staren, happen to be:blijken te zijn, in addition:daarnaast, increase:toenemen|vergroten, influence:beïnvloeden, judgement:oordeel, linger:blijven hangen, maintain:in stand houden|behouden, masculine:mannelijk, presence:aanwezigheid, receive:ontvangen, scent:geur, significantly:aanzienlijk, stick around:blijven hangen”]

Alle woorden

[vocablaster words=”abundance:overvloed, act of kindness:goede daad, among:tussen, attach:verbinden, carry on:doorgaan met, continuous:doorlopend|onafgebroken, course:richting, cut down on:verminderen, effort:inspanning, environmentally friendly:milieuvriendelijk, gather:verzamelen, goodwill:welwillendheid, overwhelmingly:overweldigend, persistent:aanhoudend|blijvend, reduce:verminderen, spoil:bederven, strain:spanning|belasting, suitable:geschikt, supplier:leverancier, support:ondersteunen, sustainable:duurzaam, vendors:verkopers, waste:verspillen, approachable:benaderbaar, authentic:echt|geloofwaardig, beyond:voorbij|verder dan, brand:merk|merknaam, chase:najagen, content:inhoud, contrast:afsteken, definite:zeker, engage:erbij betrekken, in fact:in feite, merchandise:koopwaar|goederen, note:vermelden, raise:een vraag opwerpen, recommend:aanbevelen, relate:betrekking hebben op, release:uitbrengen, similar:gelijk aan|lijkend op, target audience:doelgroep, tutorial:cursus, approach:benadering, attract:aantrekken, boost:verhogen, challenging:uitdagend, charge:in rekening brengen, core:kern, excel:uitblinken, focus:richten op, intrigue:nieuwsgierig maken, manage:erin slagen, pressure:druk, publicity:publiciteit|reclame, purchase:aankoop, reach out:contact opnemen, research:onderzoek, retailer:verkoper, suffer:lijden, utilise:gebruiken|benutten, estate:landgoed, advantage:voordeel, affect:invloed hebben op, appealing:aantrekkelijk, assign:toewijzen, benefit of the doubt:voordeel van de twijfel, clientele:klantenkring, deliberate:doelbewust|opzettelijk, determine:bepalen, dismiss:verwerpen|wegwuiven, enable:mogelijk maken, favourable:gunstig, feminine:vrouwelijk, gaze:staren, happen to be:blijken te zijn, in addition:daarnaast, increase:toenemen|vergroten, influence:beïnvloeden, judgement:oordeel, linger:blijven hangen, maintain:in stand houden|behouden, masculine:mannelijk, presence:aanwezigheid, receive:ontvangen, scent:geur, significantly:aanzienlijk, stick around:blijven hangen”]

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

Havo 4 - Hoofdstuk 4

Name:

Exercise 1: English to Dutch

1. Why don’t you ask our new history teacher; she’s very approachable .
2. The quality of his goods has improved since he found a new supplier .
3. Sales of sunglasses are significantly higher in the summer.
4. In primary school his level was already far beyond that of other students.
5. Hot dog vendors in New York often have to pay dearly for a permit.
6. They aim to issue a new series with the change of the seasons.
7. I think I can make it to your party, but it’s not definite .
8. There are more and more luxuries that we just take for granted
9. Our aim is to increase awareness of food donation sites.
10. My neighbour and I both happen to be from the same village.

Exercise 2: Dutch to English

1. He was removed from school for aanhoudend bad behaviour.
2. Manny used his knowledge to gain an voordeel over his competitors.
3. We can use this data in order to bepalen the increase in sales.
4. Look! That's so amazing I could staren at it for hours.
5. The gamers shop klantenkring are mostly aged between sixteen and twenty-five.
6. The pilot's oordeel is under investigation after he decided to land the plane in a river.
7. The journalist vermelden there was something unusual about the police investigation.
8. The inhoud of the course is described online.
9. It didn’t go too well, but I’m trying not to let it bederven the day.
10. I’ll contact zoeken met my old teacher and ask for a letter of recommendation.

Exercise 3: Irregular Verbs

Fill in all 3 forms. 1 point per correct row.

1. Menen/Bedoelen
2. Vergeten
3. Zijn (were)
4. Tekenen
5. Zitten
6. Voeden
7. Slapen
8. Blazen
9. Voelen
10. Krijgen

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

1. Wat is de passieve vorm?

In de passieve vorm ligt de nadruk op het onderwerp (het “ding” waar iets mee gebeurt) in plaats van op de handelende persoon (de uitvoerder van de actie). De passieve vorm gebruik je in het Engels wanneer:

  • je niet weet wie de actie uitvoert (“My bike was stolen” – je weet niet door wie);
  • de uitvoerder niet belangrijk is (“The road is cleaned every morning” – wie dat doet, is niet zo relevant);
  • je de handeling zelf wilt benadrukken in plaats van de uitvoerder (“The building was constructed in 1920”).

In het Nederlands zeggen we bijvoorbeeld “De taart wordt gemaakt” in plaats van “De bakker maakt de taart”. De bakker is dus niet het onderwerp waar we nadruk op willen leggen, maar de taart wel.


2. Hoe wordt de passieve vorm gemaakt?

De passieve vorm in het Engels wordt altijd gemaakt met:

(een vorm van “to be”) + (voltooid deelwoord van het hoofdwerkwoord)

  • Het voltooid deelwoord is vaak het werkwoord + “-ed” (bij regelmatige werkwoorden),
    of de 3e vorm (past participle) bij onregelmatige werkwoorden.

Voorbeeld in verschillende tijden:

  1. Present Simple
    • Active (actief): The chef makes the cake.
    • Passive (passief): The cake is made by the chef.
  2. Present Continuous
    • Active: The chef is making the cake.
    • Passive: The cake is being made by the chef.
  3. Present Perfect
    • Active: The chef has made the cake.
    • Passive: The cake has been made by the chef.
  4. Past Simple
    • Active: The chef made the cake.
    • Passive: The cake was made by the chef.
  5. Past Continuous
    • Active: The chef was making the cake.
    • Passive: The cake was being made by the chef.
  6. Past Perfect
    • Active: The chef had made the cake.
    • Passive: The cake had been made by the chef.


3. Van actieve zin naar passieve zin

Een actieve zin heeft meestal de volgorde:
(onderwerp) + (werkwoord) + (lijdend voorwerp)

Bijvoorbeeld:
I drive the car

  • “I” is het onderwerp (degene die iets doet),
  • “drive” is het werkwoord,
  • “the car” is het lijdend voorwerp (degene/het ding dat iets ondergaat).

Wil je deze zin passief maken, dan verplaats je het lijdend voorwerp naar voren:

  1. “The car” wordt het onderwerp van de passieve zin.
  2. Vervolgens gebruik je de juiste vorm van “to be”. In de tegenwoordige tijd is dat “is” of “are”, afhankelijk van het onderwerp (enkelvoud of meervoud). Hier is “the car” enkelvoud, dus gebruik je “is”.
  3. Dan komt het voltooid deelwoord van “drive”, dat is “driven”.
  4. Eventueel kun je “by me” toevoegen om aan te geven wie de actie uitvoert.

Actief: I drive the car.
Passief: The car is driven (by me).


4. Hoe herken je de passieve vorm?

Er zijn grofweg drie manieren om te zien dat een zin passief is:

  1. De uitvoerder is niet genoemd
    Als er niet in de zin staat wie of wat de actie uitvoert, heb je meestal een passieve zin.
    • “De tas wordt gedragen.”
    • Het is niet duidelijk wie de tas draagt.
  2. Er staat “by …” in de zin
    Als in de zin een constructie voorkomt zoals “by the chef”, “by me”, “by someone” enzovoort, duidt dat vaak op een passieve vorm.
    • “The cake was made by the chef.”
    • Door wie? Door de chef.
  3. Vorm van “to be” + voltooid deelwoord
    Als je een vorm van “to be” (is, was, were, has been, enz.) ziet, gevolgd door het voltooid deelwoord (bijvoorbeeld “made”, “done”, “seen”, “driven”, …), is de zin vaak passief.
    • “The house is being cleaned.” (continuous passief)

5. Onregelmatige werkwoorden

Leer de 3e vorm (past participle) van onregelmatige werkwoorden goed omdat je de 3e vorm in elke passieve zin nodig hebt. Bijvoorbeeld:

  • “to drive” → “drove” → “driven”
  • “to eat” → “ate” → “eaten”
  • “to write” → “wrote” → “written”

Exercise 1: De passive herkennen

Exercise 2: Passive maken met present simple (regelmatig)

Exercise 3: Passive maken met present simple (mix)

Exercise 4: Passive maken met de past simple (regelmatig)

Exercise 5: Passive maken met de past simple (mix)

Exercise 6: Passive maken met de present perfect (niveau 1)

Exercise 7: Passive maken met de present perfect (niveau 2)

Exercise 8: Passive maken met de present continuous

Exercise 9: Passive maken met de past perfect

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

Havo 4 - Hoofdstuk 5

Name:

Exercise 1: English to Dutch

1. In what year did they establish this country?
2. Who do you think are more patriotic , the British or the Americans?
3. If you’d offer me tea or coffee, I’d choose the latter .
4. Unfortunately, the accident was the consequence of carelessness.
5. As a spectator and fan of all sporting events, I appreciate an exciting match.
6. The idea seems to originate in London in the 1960s.
7. Your new job is going to liberate you from financial stress.
8. I have always had a fondness for cats and dogs.
9. That seems to be an important custom in this country.
10. Jeremy is known for his quirky fashion sense.

Exercise 2: Dutch to English

1. I am betrokken zijn bij a charity that raises money for medical care in poor countries.
2. If we’re going to change, we have to be more onbevooroordeeld to this idea.
3. The receptionist was unable to help, so she verwijzen naar me to someone who could.
4. Both teams were wearing the same colours which made it very verwarrrend .
5. Our country has been a strong bondgenoot of the U.S. throughout history.
6. Can you aanbevelen me a restaurant in this area?
7. Please check the website to bekijken, beoordelen your exam results.
8. Eating more fruit is gunstig, voordelig to a healthy lifestyle.
9. There’s a sharp onderscheid between theory and practice.
10. These extra training sessions are working tot op zekere hoogte .

Exercise 3: Irregular Verbs

Fill in all 3 forms. 1 point per correct row.

1. Houden
2. Vliegen
3. Wakker worden
4. Blazen
5. Eten
6. Stelen
7. Zijn (were)
8. Zeggen
9. Branden
10. Vergeven

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

Vocabulary

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

Chapter 5A

Chapter 5B

Chapter 5F

Chapter 5G

Vocablaster chapter 5

[vocablaster words=”toelating:admission,bondgenoot:ally,betrokken zijn bij:involved with,gunstig|voordelig:beneficial,verward:confusing,gevolg|consequentie:consequence,gebruik:custom,onderscheid:distinction,oprichten:establish,fel:fiercely,genegenheid:fondness,dankbaarheid:gratitude,belang:interest,de laatstgenoemde:latter,bevrijden:liberate,nieuwigheid:novelty,onbevooroordeeld:open-minded,afstammen|voortkomen:originate,vaderlandslievend:patriotic,eigenzinnig:quirky,aanbevelen:recommend,verwijzen:referred,toeschouwer:spectator,heel erg:thoroughly,tot op zekere hoogte:to some extent,bekijken|beoordelen:view,kort:brief,zekerheid|zelfvertrouwen:confidence,rage:craze,curve|kromming|verloop:curve,dateren van:date back to,diepgeworteld:deep-seated,regenachtig:drizzly,gretigheid:eagerness,elders:elsewhere,vergeten:forget,indruk:impression,onzekerheid:insecurity,ten onrechte:mistakenly,bespotten:mock,beschikbaar:on offer,promoten|aanprijzen:promote,in plaats van:rather than,voorstedelijk:suburban,de rollen omdraaien:turn the tables on,vastbesloten zijn:determined,toegeven:admit,nauwelijks:barely,bereid zijn om:prepared,verbeteren:better,doel:cause,weer of geen weer:come rain or shine,multicultureel:cross-cultural,oneens zijn (met):disagree with,benadrukken:emphasise,uitbreiding:extension,van afkomen:get rid of,onwaarschijnlijk:improbable,moeite doen:make an effort,aanbieden:offer,tegenovergestelde:opposite,vooroordeel:prejudice,familieleden:relatives,scheiden:split up ,ondersteunen:support,opvoeden:raise,vrijwilliger:volunteer,aantasten:affect,toestaan:allow,beargumenteren:argue,wetsvoorstel:bill,ingewikkeld:complicated,hedendaags(e):contemporary,toewijding:devotion,geslacht:gender,als antwoord op:in response to,onafhankelijkheid:independence,hoofdzakelijk:mainly,maatregel:measure,volkslied:national anthem,bezwaar maken tegen:object to,zich verzetten tegen:oppose,voorstel:proposal,voorstellen:propose,bereiken:reach,weergeven|uitdrukken:reflect,afdanken|wegdoen:scrap,heerser|vorst:sovereign,suggereren:suggest,een gevoelige snaar raken:touch a nerve,onwaarschijnlijk:unlikely”]

⏱ Time: 00:00
🚫 Tab switches: 0

Leerlinggegevens

Vul je gegevens in om te starten.


Kies een woordenlijst

Vocabulary Game

Score: 0

Woordstatistieken

Loading...

Geen woordenlijsten gevonden

Er zijn nog geen passende woordenlijsten beschikbaar.

[vocablaster words=”eigenlijk:actually, betaalbaar:affordable, bewust zijn (van):be aware of, slim:clever, vergelijking:comparison, bijdragen aan:contribute, fatsoenlijk:decent, definiëren|omschrijven:define, twijfelachtig:doubtful, opgewonden:excited, echt|werkelijk:genuinely, op de markt brengen|lanceren:launch, behoefte:need, voorrecht:privilege, in aanmerking komen voor:qualify for, weerspiegelen:reflect, tevreden:satisfied, vertragen:slow down, opvallen:stand out, spanning:suspense, onthullen:unveil, afstemmen op:align with, ingesteld zijn op:set on, in het oog springen|opvallen:catch your eye, veroorzaken:cause, verplichting|verbintenis:commitment, doorgaan:continue, aandacht vestigen op:draw attention to, geheel:entire, bekend:familiar, verwisselbaar|identiek:interchangeable, luchhartig:light-hearted, op elkaar lijken:like, duidelijk|natuurlijk:obviously, tegenovergesteld:opposite, betrouwbaar:reliable, vertrouwen op:rely on, vereisen:require, resulteren in|leiden tot:result in, hergebruiken:reuse, verleiden:seduce, overslaan:skip, vasthouden aan:stick to, verdacht:suspiciously, dankzij:thanks to”]

[vocablaster words=”Zijn:be, Slaan:beat, Worden:become, Wedden:bet, Binden:bind, Bijten:bite, Blazen:blow, Breken:break, Brengen:bring, Uitzenden:broadcast, Bouwen:build, Branden:burn, Kopen:buy, Vangen:catch, Kiezen:choose, Komen:come, Kosten:cost, Snijden:cut, Handelen:deal, Graven:dig, Doen:do, Tekenen:draw, Dromen:dream, Drinken:drink, Rijden:drive, Eten:eat, Vallen:fall, Voeden:feed, Voelen:feel, Vechten:fight, Vinden:find, Vluchten:flee, Vliegen:fly, Vergeten:forget, Vergeven:forgive, Bevriezen:freeze, Krijgen:get, Geven:give, Gaan:go, Groeien:grow, Hangen:hang, Hebben:have, Horen:hear, Verbergen:hide, Slaan:hit, Houden:hold, Pijn doen:hurt, Houden/blijven:keep, Weten:know, Leggen:lay, Leiden:lead, Leren:learn, Verlaten:leave, Laten/Verhuren:let, Liggen:lie, Verliezen:lose, Maken:make, Menen/Bedoelen:mean, Ontmoeten:meet, Betalen:pay, Zetten/Leggen:put, Ophouden:quit, Lezen:read, Rijden (fiets/paard):ride, Bellen:ring, Opstaan/Stijgen/Opkomen:rise, Rennen:run, Zeggen:say, Zien:see, Verkopen:sell, Zenden/Sturen:send, (in)stellen/Plaatsen:set, Schudden:shake, Schieten/Opnemen (film):shoot, Laten zien:show, Sluiten/Dichtdoen:shut, Zingen:sing, Zitten:sit, Slapen:sleep, Ruiken:smell, Spreken:speak, Spellen:spell, Doorbrengen/Uitgeven (geld):spend, Splijten/Delen:split, Stelen:steal, Staan:stand, Plakken/Blijven/Steken:stick, Slaan/Raken/Staken:strike, Vloeken/Zweren:swear, Vegen:sweep, Zwemmen:swim, Nemen:take, Onderwijzen:teach, Scheuren/Trekken:tear, Zeggen/Vertellen:tell, Denken:think, Gooien:throw, Begrijpen:understand, Wakker worden:wake, Dragen (kleding):wear, Winnen:win, Schrijven:write”]