English lesson

Reflexive pronouns (wederkerende voornaamwoorden)

✨ Deze content is gemaakt door een docent met behulp van AI.

Wat zijn ze?
Wederkerende voornaamwoorden gebruik je wanneer het onderwerp van de zin een handeling op zichzelf uitvoert.

In het Engels zijn dit:
myself, yourself, himself, herself, itself, ourselves, yourselves, themselves

Voorbeeld:

  • She saw herself in the mirror → het onderwerp she ziet zichzelf. Zij zag zichzelf in de spiegel.

👉 Let op: Bij you moet je onderscheid maken:

  • Enkelvoud: yourself
  • Meervoud: yourselves

Vergelijking Engels en Nederlands

Persoonlijk voornaamwoordReflexive pronoun (Engels)Wederkerend vnw. (Nederlands)
Imyselfme(zelf)
you (sing.)yourselfje(zelf)
hehimselfzich(zelf)
sheherselfzich(zelf)
ititselfzich(zelf)
weourselvesons(zelf)
you (pl.)yourselvesje(zelf) (maar meestal: zich(zelf))
theythemselveszich(zelf)

In het Nederlands gebruiken we vaak gewoon zichzelf in plaats van de aparte vormen (hemzelf, haarzelf, henzelf). Let ook op het volgende:

1. Wel reflexief in het Engels én in het Nederlands (maar kort in NL)

In beide talen gebruik je een reflexief voornaamwoord, maar in het Nederlands staat meestal de korte vorm (je, me, zich), terwijl het Engels altijd de lange vorm (yourself, myself, himself…) heeft.

  • Behave yourself → Gedraag je
  • Enjoy yourself → Amuseer je / vermaak je
  • Help yourself → Bedien je
  • I hurt myself → Ik heb me pijn gedaan

👉 In het Nederlands klinkt de lange vorm (jezelf, mezelf, zichzelf) alleen natuurlijk als je nadruk wilt leggen:

  • Denk aan jezelf!
  • Ik heb mezelf pijn gedaan, niet jou.

2. Wel reflexief in het Nederlands, niet in het Engels

In deze gevallen laat het Engels het reflexief helemaal weg:

  • zich vergissen → make a mistake
  • zich haasten → hurry
  • zich herinneren → remember
  • zich schamen → be ashamed
  • zich voelen → feel

Zie ook Reciprocal pronouns (wederkerige voornaamwoorden)

Exercise 1

Exercise 2